Toch geen Nederlandstalig liefdeslied?

Hebban olla vogala nestas

Hebban olla vogala nestas niet het oudste Nederlands?

De taal van de versregel Hebban olla vogala nestas hagunnan hinase hic enda thu wat unbidan we nu is geen Oud-Nederlands, see maar Oud-Engels, beweert de Gentse hoogleraar Luc De Grauwe in Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Het poëtische zinnetje – waarschijnlijk twee regels uit een liefdesliedje – werd aangetroffen op een stukje perkament in een boek dat tussen 1075 en 1100 is gemaakt in de abdij van Rochester.

Ik heb altijd geleerd dat het een Nederlandse zin is, ook al is hij op het eerste gezicht tegenwoordig nauwelijks meer te begrijpen. Het wordt vaak het oudste Nederlands genoemd dat wij kennen. Letterlijk staat er: Hebben alle vogels nesten begonnen behalve ik en jij; wat wachten we nu, oftewel: alle vogels zijn al aan het nestelen, behalve jij en ik; waar wachten we nog op?

In de abdij probeerde een monnik een nieuwe pen uit en schreef het zinnetje op, met een Latijnse vertaling erbij. Taalkundigen dachten dat het West-Vlaams was, voornamelijk door het woord olla (alle). De Grauwe vergeleek de tekst met de taal die destijds in Kent werd gesproken. Volgens hem kan ieder woord een Oud-Kentse vorm zijn. Als dat zo is, moet de literatuurgeschiedenis worden herschreven, en ik terug naar school.